|
Home >
Onze werking > De tuin in > Blikvangers 2010
|
|
|
Skimmia japonica
|
 |
Heester, wintergroen, diverse soorten, goed winterhard.
Halfschaduw, te veel zon veroorzaakt gele vlekken op het blad. 100-120 cm. Glanzend blad, leerachtig. Normale grond, decoratief in de winter. Diverse soorten met rode of witte bloemen in pluimen. Bessen verschijnen indien mannelijke en vrouwelijk soorten aanwezig zijn. Compacte groei maakt snoeien overbodig.
|
|
|
|
|
|
Cerastium tomentosum
|
 |
Viltige hoornbloem. Vaste plant, bodembedekker.
De kleine spitse blaadjes zijn witgrijze en voelen een viltig aan. Een troef is dat ze zo blijven in de winter. In het voorjaar verschijnen fijne witte bloemen op lange stengels (tot 15 cm). Een plant voor een droge en zonnige plek. Combineert mooi met buxus, sieruien of grassen.
|
|
|
|
|
|
Physocarpus opulifolius ‘Diabolo’
|
 |
Sneeuwbalspirea of blaasspirea.
Bladverliezende heester, volledig winterhard. Groeit traag tot 3 meter hoog. ‘Diabolo’ heeft purperrode tot zwarte drielobbige bladeren. Bloeit in juni met witte bloemen in schermen. De donkerrode zaaddoosjes blijven lang aan de struik hangen. Groeit in elke niet te droge grond. Voor zon en schaduw. Snoeien hoeft niet elk jaar.
Contrasterende achtergrond voor oranjerode Helenium, gele Solidago en gele daglelies.
|
|
|
|
|
|
Pachysandra terminalis
|
 |
Vaste plant. Ideale bodembedekker voor schaduwrijke plek.
10-15 cm. Kleine witte bloemen van maart tot mei. Het blad is diepgroen en leerachtig. Bij gebruik op een zonnige plek kleurt het geelgroen. Groeit op elke normale tot droge grond. Goed winterhard. Voor een snelle bodembedekking volstaan 8 tot 12 planten per m². Vergt weinig onderhoud. Weinig gevoelig voor ziekten en plagen. Combineert met varens en hosta’s.
|
|
|
|
|
|
Schizostylis coccinea
|
 |
Kafferlelie. Vaste plant.
Verkiest een warme plek in de zon in een eerder vochtige voedzame grond. Best regelmatig gieten in een droge periode. De zwaardvormige bladeren zijn diepgroen en lijken de hele zomer op een grasachtige pol. De bloemen verschijnen pas in het najaar op lange bloemstengels (tot 60 cm). Ze lijken op een freesia en zijn goed houdbaar als snijbloem. Deze plant vergt enige bescherming in de winter.
|
|
|
|
|
|
Lavatera
|
 |
Struikmalva. Halfheester.
De witte tot roze bloemen lijken op hibiscus of kaasjeskruid. Matig winterhard, dus voor een beschutte zonnige plek in doorlaatbare grond. Gezien de omvang, vanaf 120 cm hoog en breed, laat Lavatera zich best toepassen achteraan in de border of als solitair. Bladverliezend. In maart snoeien tot op 50 cm. |
|
|
|
|
|
Yucca gloriosa
|
 |
Palmlelie. Vaste plant. Wintergroen.
De stijve bladeren zijn zwaardvormig en staan in een pol die met de jaren een stam gaat ontwikkelen. Het blad is grijs berijpt, vlijmscherp en puntig. Witte klokvormige bloemen aan 2 meter hoge pluimen. Een tweede bloei in het najaar is mogelijk. Volledig winterhard. Geschikt voor de volle zon. |
|
|
|
|
|
Liriope muscari |
 |
Leliegras. Vaste plant. 20-30 cm. Bloeit vanaf augustus.
Fijn grasachtig wintergroen blad. Voor zon en (half)schaduw. Hoe meer schaduw, hoe groener het blad. Geef Liriope een plekje vooraan in de border. Ook mooi voor een ‘catwalk’ of onder een boom. Elke tuingrond is goed als maar niet te nat. Combineert mooi met kleine varens. Overwintert goed. Er bestaat ook een cultivar met witte bloemen. |
Eucomis bicolor |
|
 |
Kuiflelie of ananasplant. Bolgewas.
60 cm. Grote zwaardvormige bladeren. Bloeit van juli tot september, bloemen op stevige aar met bovenaan een kuif van schutbladeren. De klokjesachtige bloemetjes zijn groengeel met een paars randje. De stengel heeft paarse spikkels. Voor een zonnige, niet te hete standplaats. Regelmatig gieten. Niet helemaal winterhard. Vorstvrij overwinteren. Het loof sterft af en mag weggeknipt worden. Vanaf dan de bollen spaarzaam gieten, niet laten uitdrogen. |
| |
|
| |
|
|
|