Bijeenkomsten plattelandsacademie



   Bestuur en bewoners werken samen aan het dorp - maandag 4 april 2011
categorieën:
 

In Vlaanderen is het debat over burgerparticipatie aangezwengeld via het stedelijk beleid. Het is echter een praktijk die zoals de lijst hieronder suggereert, ook voorkomt in minder dicht bevolkte gebieden.

- Aandachtswijken & topdorpen (Nederland)

- DORP inZICHT (Samenlevingsopbouw)

- Dorpenbeleid West-Vlaanderen (Doelstelling 5b)

- Dorpendebat (Fryslan)

- Dorpsomgevingsplan (Drenthe)

- Dorpsontwikkelingsplan (Leader NL)

- Dorpsraden (RIMO Limburg)

- Dorpsspiegel (RISO)

- Integraal wijkontwikkelingsplan (Izegem)

- Village planning (Leader West Cork)

De studiedag bood de 100 aanwezigen, waaronder véél studenten en lokale besturen, een breed palet over het thema. Burgerparticipatie is immers niet in één praktijk te vatten, het neemt verschillende vormen aan. Diegenen die ook ’s namiddags de werkateliers van Sofie Van Moortel en Bert Meulemans volgden, kunnen dit getuigen. Karolien Dezeure (Steunpunt bestuurlijke organisatie Vlaanderen) gaf een theoretisch overzicht over het ‘waarom’ van participatie, hoe het begon en hoe het verder kan/moet. (bekijk haar presentatie: klik hier)

‘Burgers als partners’ schreef OESO in 2001. De relatie tussen de bewoners en de bestuurders is veranderd. Of iemand nu op het platteland woont of in de stad, betrokkenheid krijg je maar als er over iets te beslissen is. Niet iedereen zal over alles kunnen/willen meepraten. De nog gebruikte vorm van inspraak, de hoorzitting, begint langzaam zijn pluimen te verliezen. Vroeger sprak men over de participatieladder, nu toonde Dezeure 3de generatie trajecten met actievere vormen van ‘meedoen’ waar bewoners en gebruikers hun burgerrechten uitoefenen. We hoorden een sterk pleidooi om de ingeslagen weg te vervolgen.

Luc Joos (Samenlevingsopbouw Oost-Vlaanderen) onderbouwde dit vervolgens uit de praktijk. (bekijk zijn presentatie: klik hier)

De sector van de samenlevingsopbouw ondersteunt heel sterk participatie. Hiervoor is een Engelse methode ‘village appraisal’ vertaald en omgezet naar de Vlaamse praktijk. Ongeveer 50 dorpen hebben sinds 2001 DORP inZICHT toegepast. Deze methodiek zorgt ervoor fdat er heel veel informatie over het dorp in een gegevensbank terecht komt. Na verschillende actieve keuzemomenten komt de trekkersgroep tot een aantal uitspraken, eventueel wensen over het dorp. Met deze resultaten gaan ze naar het gemeentebestuur die hierover positie moet innemen en eventueel opdrachten verstrekken. In de praktijk is meestal het gemeentebestuur betrokken bij het planproces zodat er geen al te grote kloof is tussen de verwachtingen en de haalbaarheid. Nadien worden enkele knelpunten of potentiepunten aangepakt, al dan niet in eigen regie. In de provincie Vlaams-Brabant heet de methode ‘Dorpsspiegel’ en verder zijn er nog andere termen in gebruik zoals dorpsomgevingsplan, dorpsontwikkelingsplan, dorpenbeleid… In essentie komt het erop neer dat de bewoners/gebruikers van het dorp mee nadenken over het dorp en zijn ontwikkeling, betrokken worden bij het uitschrijven van een strategie of plan van aanpak en er zelf aan mee helpen om ze uit te voeren m.i.v. geld zoeken. Deze bottom up aanpak bestaat ook in de Leadergebieden.

Greet De Baets van het Bewonersplatform Lembeke gaf hierover een getuigenis. Zij verzamelde personen die iets willen doen voor het dorp en de omgeving. De belangrijkste draaischijf voor het onderhoud van de relaties is hun website.

Isabel Lebbe van het Bewonersplatform Abele toonde tot welke resultaten het particpatieproces kon leiden, tot de vorming van een dorpsplein toe.  (bekijk haar presentatie:  klik hier)

Hannes Hollebecq (Landelijke Gilden) poneerde de stelling dat het sociaal-cultureel volwassenenwerk degelijk werk maakt van burgerparticipatie, maar dat het daarvoor niet altijd gerespecteerd wordt. Opwekken, reflecteren en ondersteunen zijn de ‘werkwoorden’, de methodiek zit in het groepsproces. De getoonde uitdagingen prikkelden. (bekijk zijn presentatie: 

klik hier)

Joop Hofman (expertisecentrum bewonersparticipatie ‘De rode wouw’, Deventer) gaf in een bevlogen stijl een overzicht van de ontwikkeling van participatie in Nederland (2000–2010). Daarbij toonde hij ook al 4de generatie projecten zoals de wijkbudgetten of het burgerbegrotingsforum. Zijn analyse was duidelijk: wat in Nederland en België nog niet kan, is normaal in de ons omringende landen tot in Brazilië toe.  (bekijk zijn presentatie:

klik hier)

Tot slot gaven Koen Van den Broeck (Landelijke Gilden) en Karolien Dezeure in de terugkoppeling hun mening over het thema. Het platteland blijft wat betreft burgerparticipatie niet achter bij de grotere kernen. Participatieprocessen worden op een aangepaste manier in de dorpen gebracht. Info over, en het verspreiden van methodieken om op een juiste manier met dorpsontwikkeling aan de slag te gaan, is een eerste stap. Het opzetten van een dorpsraad of het bijeenbrengen van actieve dorpsbewoners een tweede stap.  

Landelijke Gilden kan in deze evolutie zowel gangmaker zijn als stakeholder of bewaker van de principes. Zij heeft er in ieder geval belang bij dat de processen optimaal gebeuren met het oog op een gedragen resultaat.


 

Korte referentielijst

  • De Rynck Filip & Karolien Dezeure (2009). Burgerparticipatie in Vlaamse steden, Het verslag van de commissie Keulen, Rapport van de Werkgroep Participatie, Vanden Broele. 
  • OECD (2001). Citizens as Partners: Information, Consultation & Public Participation in policy making
  • Steyaert Stef & Hervé Lisois (eds) (2005). Participating Methods Toolkit, A practitioner’s manual, viWTA en Koning Boudewijnstichting.

     

     

     

     
     
    Disclaimer | Contact | Site-map