De Vlaamse regering werkt aan een nieuw omkaderingssysteem voor het basisonderwijs. Ze streeft hiermee twee grote doelstellingen na: het gelijkschakelen van de omkadering voor kleuter- en lager onderwijs én het verdelen van een deel van de lestijden op basis van leerlingenkenmerken. Het basisonderwijs zal hiervoor 52 miljoen euro meer krijgen.
De voorbereidingen lopen in overleg met de sector. Directies van plattelandsschooltjes luidden recent de alarmbel (bezorgdedirecties.be). Ze vrezen dat de herverdeling van middelen vooral het platteland zal treffen. Zo wil men de aparte telling van de leerlingen voor schooltjes met meerdere vestigingsplaatsen afschaffen. Hierdoor zouden deze scholen minder uren en dus minder leerkrachten toegewezen krijgen. Ook de hervorming van de regelgeving voor ‘gelijke onderwijskansen’ – bedoeld om alle kinderen ongeacht hun aanleg, karakter, culturele of sociale afkomst dezelfde kansen te geven – zal vooral scholen in steden bevoordelen.
Ons standpunt
Voor Landelijke Gilden zijn dorpsschooltjes van bijzonder belang voor de leefbaarheid van onze dorpen. Jos De Meyer, ondervoorzitter van het Vlaams parlement en lid van de commissie onderwijs, volgde van meet af aan voor ons en CD&V het dossier op. We vroegen hem een stand van zaken. "De dorpsschool blijft een onmisbaar element van het sociaal weefsel van elke gemeente. Wij hebben alvast kunnen bereiken dat een aparte telling voor vestigingsplaatsen mogelijk blijft als een school van hetzelfde net niet gelegen is binnen een straal van 1,5 km. Dat is een grote stap vooruit! Wij zouden ook graag hebben dat de verhoging van het budget volledig naar de kleuterscholen gaat zoals voorzien in het regeerakkoord", zegt Jos De Meyer. Tegen eind januari zouden de onderhandelingen afgerond moeten zijn.
Verslag uit de commissie Onderwijs, Vorming, Wetenschap en Innovatie van het Vlaams Parlement dd 11 januari 2012.