Menu

Terug naar Actualiteit >Geef boeren ruimte!

Geschreven op 19 januari 2021. - Nieuws, Landbouw, Maatschappelijke dossiers
landbouwlandschap

Al van de actie #geefboerenruimte gehoord? Met deze actie trekken landbouwers uit verschillende sectoren en regio's aan de alarmbel. Ze stuiten immers steeds vaker op onbegrip wanneer het gaat over het verder ontwikkelen van hun bedrijf. Die verdere ontwikkeling of uitbreiding is vaak nodig om het bedrijf gezond te houden en bepaalt dus de toekomst van het bedrijf en van het gezin dat er van leeft. 

In verschillende regio's voerde de landbouwsector de laatste weken actie om hun ontevredenheid over het hedendaagse vergunningenbeleid aan te kaarten. Landbouwers ondervinden steeds vaker moeilijkheden om een omgevingsvergunning te verkrijgen en vooral voor jonge landbouwers is die weigering problematisch en frustrerend. Hun toekomstplannen worden hierdoor immers on hold gezet. 

Wat is een omgevingsvergunning? 

De omgevingsvergunning vervangt en verenigt sinds 2018 verschillende vergunningen die vroeger afzonderlijk moesten worden aangevraagd. Dat waren bijvoorbeeld de stedenbouwkundige- en milieuvergunning. De aanvragen worden nu digitaal ingediend bij de gemeente of de provincie, waarna een openbaar onderzoek en adviesronde worden georganiseerd. Landbouwbedrijven in het Vlaamse Gewest hebben altijd een omgevingsvergunning nodig en landbouwers moeten een nieuwe omgevingsvergunning aanvragen wanneer ze hun landbouwbedrijf willen verbouwen en moderniseren om in te spelen op maatschappelijke verwachtingen of wanneer hun vroegere milieuvergunning, die maar 20 jaar geldig was, verlengd dient te worden. 

Cijfers met een verhaal

Maar waar knelt dan precies het schoentje? Worden er effectief minder vergunningen voor landbouwbedrijven goedgekeurd dan vroeger? En worden er, zoals soms gesteld wordt, aan de lopende band aanvragen ingediend?

Aanvragen?

Het aantal aanvragen voor een omgevingsvergunning voor landbouwbedrijven is de laatste jaren inderdaad gestegen. In 2017 waren dat er 240, in 2018 al 729 en in 2019 zelfs 794. Er is echter een belangrijke nuance. Aangezien de omgevingsvergunning tot voor 2018 niet bestond en er dus verscheidene andere vergunningen moesten worden aangevraagd, kan het aantal aanvragen van vóór 2018 dus niet zomaar vergeleken worden met die van de afgelopen drie jaar. Het zeer lage aantal aanvragen uit 2017 in vergelijking met de jaren nadien is dan ook te verklaren door het feit dat veel landbouwers hun aanvraag hebben uitgesteld of eerder indienden. 

Weigering?

Volgens de cijfers werden in 2017 2,5% van de aanvragen waarbij dieren of mest werden aangevraagd (veestallen of mestverwerking) geweigerd in eerste aanleg bij de gemeente of provincie, in 2018 was dat 5,7% en in 2019 was dat 10,8%. Maar daar stopt het niet. Het betrokken publiek heeft immers het recht om, binnen de 30 dagen na de bekendmaking van de beslissing van eerste aanleg, beroep aan te tekenen. Dat kan een buurtbewoner zijn, een maar ook een vereniging met rechtspersoonlijkheid die denkt nadeel te ondervinden door de beslissing.

Na het aantekenen van zulk beroep, hangt het van de categorie van landbouwbedrijf af, waar het dossier naartoe gaat. Een deel van de dossiers belandt op het bureau van de bevoegde minister en de cijfers met betrekking tot die dossiers tonen aan dat er weinig aanvragen het kabinet verlaten mét een goedkeuring. Jaar na jaar zijn er meer dossiers waartegen beroep wordt aangetekend en ook het percentage weigeringen door de bevoede minister stijgt. 

Boer zoekt vergunning

Aldus trekken de landbouwers aan de alarmbel, want achter elk van deze aanvragen zit een gezin. De laatste weken kwamen meerdere landbouwers al naar voren om hun verhaal te vertellen. Een van hen was pluimveehouder Frits Stevens. Hij kon via het tv-programma Boer zoekt vrouw het hart van Hanne Zoomers veroveren. Het jonge koppel wil het pluimveebedrijf aanpassen aan de hedendaagse noden, maar een vergunning blijft uit. “Al tien jaar ijvert onze familie om een vergunning te bekomen zodat we twee van onze verouderde stallen kunnen afbreken en er drie in de plaats kunnen zetten. Zo kan ik evolueren naar een bedrijf dat economisch leefbaar is én dat volledig voldoet aan alle normen”, vertelt Frits. “We voldoen aan de strengste eisen, liggen niet in de buurt van beschermde natuur en stuurden onze plannen al ettelijke keren bij om aan alle bezorgdheden te voldoen. Het feit dat één buurtbewoner door beroep aan te tekenen onze toekomst kan hypothekeren, is hallucinant. Daarbij komt nog dat die aanvragen en studies ons al enorm veel geld hebben gekost. De minister moet zich aan de wet houden, net zoals wij dat doen.” Ook melkveehouder Mathieu Steensels brak een lans voor de toekomst van de jonge landbouwers: “Als jongere wil je het bedrijf dat je overnam van je familie in betere toestand achterlaten dan je het gekregen hebt. Je wil vooruit”, klinkt het. “Mijn neef die metaalbewerking doet en zijn bedrijf van eenmanszaak deed groeien naar een bedrijf met 25 personeelsleden oogst veel bewondering. En terecht. Maar waarom mogen landbouwers niet streven naar het worden van nog betere ondernemers?”

Druk op open ruimte neemt toe

Landbouw zorgt niet enkel voor voedselproductie, maar verzorgt ook een groot deel van onze open ruimte. De weidse vergezichten die Vlaanderen typeren, zijn landbouwlandschappen. Toenemende bebouwing, ambities voor bebossing en andere nieuwe bestemmingen voor de open ruimte, zetten de beschikbare ruimte echter onder druk. De ambities van verschillende actoren die elk een andere bestemming voor de open ruimte zien, durven dan al eens botsen. Dat landbouwruimte steeds vaker in het vizier wordt genomen, is dan ook een grote reden tot ongerustheid. De Vlaamse boer is immers goed in wat hij doet en zorgt voor voedselzekerheid en werkgelegenheid. Landbouwers zijn ondernemers en verdienen dezelfde kansen als hun collega’s uit andere sectoren. 

Foto's en filmpjes van de actie vind je op de Facebookpagina van Boerenbond
Een uitgebreide versie van dit artikel verscheen in het vakblad Boer&Tuinder