Menu

Terug naar Actualiteit >Geen snoeptuin zonder frambozen

Geschreven op 15 augustus 2019. - Nieuws, Tuinieren
frambozen

Als je frambozen aanplant, moet je kiezen tussen zomer- of herfstframbozen. Het grote verschil merk je in het oogstseizoen en in de snoeitechniek. De zomerframboos rijpt vanaf half juni tot augustus, herfstframbozen kan je plukken vanaf half augustus tot aan de eerste nachtvorst (einde oktober). 


Kiezen voor zomer- of herfstframbozen?

 
De zomerframboos is een tweejarige plant, dat wil zeggen dat een nieuwe scheut pas het tweede jaar vruchten geeft. Het eerste jaar groeit die makkelijk tot 2 meter uit, pas het jaar later verschijnen de bloemen vanaf einde mei en vormen de vruchten. Deze takken mogen na de oogst verwijderd worden omdat ze daarna niet veel vruchten meer geven.
 
Bij de herfstframboos geeft een nieuwe scheut het eerst seizoen al vruchten. Het is een eenjarige plant. Ze dragen de mooiste vruchten op ditjarig hout, dat is hout gegroeid binnen eenzelfde groeiseizoen. Dat onderscheid tussen een- en tweejarig is van belang bij het snoeien. 
 

Wanneer planten?

Frambozen plant je bij voorkeur voor de winter (niet bij vorst), dan is de kans het grootst dat de planten in het voorjaar snel weer gaan groeien. Maar planten kan tot en met maart. Direct na het planten, moet je de takken terugsnoeien tot op 40 cm lengte.
 
Plant je meerdere zomerframbozen, laat dan 40-50 cm tussen de planten en geef ze 2 meter afstand tot een andere teelt. Herfstframbozen mogen op 30 cm van elkaar geplant worden en bewaren 1,5 meter tot andere teelten. 
 

Steunen en binden

Frambozen hebben een slappe stengel en moeten aangebonden worden. Het voordeel is dat ze dan meer zon en licht opvangen, wat goed is voor de smakelijkheid van de vruchten. Stevig steunmateriaal is nodig. Palen van 2,5 m lang en 8 cm dik zijn goed, zet ze minstens 60 cm diep in de grond op 5 meter van elkaar. Zorg voor vijf draden met een draadspanner om doorhangende draden regelmatig aan te spannen. De draden worden met krammen vastgezet die niet tot helemaal in de paal geklopt zijn. Anders is het onmogelijk om de draad bij te spannen. De onderste draad komt op 40 cm hoogte. De andere draden volgen op 80, 115, 160 en 185 cm boven de grond. 
 

Teelttips

Voor kleine fruitstruikjes is er vaak wel een plekje te vinden in een schooltuin. Frambozen verkiezen een voedzame grond die niet te nat is.
 
Frambozen zijn erg dankbaar in een snoeptuintje (samen met braambessen, blauwe bessen of aalbessen). Frambozen kan je als een haagje aanplanten om de tuin af te scheiden. Kies een gezonde soort en het enige wat je moet doen is: snoeien en snoepen. Opgelet: er zijn kapers op de kust!
 
Bemesten is niet nodig maar een jaarlijks laagje compost langs de wortels doet hen deugd. Voor ziekten en plagen moet je bij frambozen niet op de loer liggen, frambozen moet je meteen plukken (en eten) als ze rijp zijn. Veel regen kan de rijpende vruchten doen rotten, wat jammer is. Verdroogde bessen laat je best niet hangen, het trekt ongedierte aan. Gelukkig vinden kippen het dan nog een lekkernij.
 

Wil je zelf frambozen vermeerderen?

Neem dan in het najaar een paar verhoute scheuten weg van de moederplant. Anders kan je in het voorjaar een deel van de onverhoute wortelopslag (meischeuten) wegnemen. Doe dat niet bij een moederplant die slecht groeit of er niet gezond uitziet, je zou het probleem meenemen naar je eigen tuin.
 

Snoeien moet je doen

Het snoeien lijkt misschien wat ingewikkeld maar is het helemaal niet. Je moet wel weten of je zomer- of herfstframbozen voor je staan hebt.
 

Bij zomerframbozen gaat de snoei als volgt

Direct na het planten moet je de houtige stengels inkorten tot op 40 cm. In het voorjaar verschijnen de jonge scheuten uit de grond. Als ze ongeveer 25 cm lang zijn, mag je die oude takken tot tegen de grond wegsnoeien. Wat later kies je 6 tot 8 van die nieuwe takken uit (uiteraard de sterkste en meest groeikrachtige) om aan te binden. Probeer de takken gelijkmatig te spreiden over de draden en bindt ze aan met klemmetjes of een stukje touw. Knip de top eraf op 10 cm boven de hoogste draad. Deze takken zullen pas het volgende jaar de vruchten dragen. De overtollige scheuten mogen weg. Het tweede jaar mag je weer enkele van de nieuwe scheuten (ze zijn grijsblauw berijpt) aanbinden, ze zorgen voor vruchten het jaar daarop. Na de eerste oogst, mogen de afgedragen takken verwijderen worden. Van de nieuwe scheuten, houdt je enkel de dikste scheuten aan ter vervanging van wat je wegknipt.

 

De snoei van herfstframbozen is eenvoudiger

Ook hier moet je na het planten de houtige scheuten inkorten tot op 40 cm. In de zomer behoud je enkel de mooiste wortelscheuten, 12 tot 15 stuks per lopende meter. Verspreid de takken gelijkmatig langsheen de draden en bindt ze aan. Alle overtollige scheuten moet je resoluut verwijderen. Omdat ze vruchten dragen aan het uiteinde van de jonge stengels van hetzelfde jaar mag je in de winter (na de oogst) alle scheuten tot tegen de grond wegsnoeien.