Menu

Terug naar Actualiteit >Het stikstofdebat, waarover gaat dat?

Geschreven op 12 mei 2021. - Nieuws, Landbouw

De laatste tijd is er in de media veel te doen rond het stikstofdebat. De woorden PAS, NOx, NH3, … komen ter sprake, en ook met cijfers wordt er gegoocheld. Maar waar gaat het nu eigenlijk precies over, en welke plaats heeft landbouw in deze discussie?

 

 

Wat is PAS?

Om dit verhaal goed te begrijpen, moeten we eerst wat belangrijke begrippen schetsen. Om te beginnen: wat is PAS? PAS staat voor Programmatisch Aanpak Stikstof, een actieprogramma dat door de overheid wordt opgemaakt om de Europees bepaalde natuurgebieden beter te beschermen. De reductie van stikstof die op die natuurgebieden terecht komt, is daarbij een belangrijk element. Verkeer, industrie en landbouw stoten immers stikstof uit, en die emissie valt neer op de bodem, waar ze een vermestend effect hebben. Dat is fijn voor planten die van rijke bodems houden, maar niet voor fauna en flora die afhankelijk zijn van schrale bodems.

Over NOx en NH3

Wie het stikstofdebat wil begrijpen, moet ook weten wat NOx en NH3 zijn. Beide zijn soorten stikstof, maar de bron is verschillend. NH3 is ook gekend als ammoniak en wordt grotendeels door landbouw uitgestoten. Het ontstaat wanneer vaste mest en urine van dieren bij elkaar komen. NOx is dan weer grotendeels een probleem bij de stikstofuitstoot van het verkeer en de industrie. Ammoniak (NH3) slaat eerder lokaal neer, terwijl NOx door de wind verder wordt verspreid. Tellen we beide tezamen, dan zien we dat land- en tuinbouw een aandeel van 50% heeft in de totale stikstofuitstoot. Voor verkeer is dat 32%, voor industrie 10%. Als je kijkt naar de stikstof die effectief neerslaat op de gevoelige natuur in Vlaanderen, dan komt 58% uit het buitenland, 29,4% is afkomstig van de landbouw.  

Waarom nu?

Maar waarom is deze discussie plots zo actueel? Om een Nederlands scenario te vermijden, waar heel het land op slot ging omdat er geen vergunningen meer konden worden afgeleverd, zette de Vlaamse regering in op een tijdelijk stikstofkader. Minister Demir kwam met een ministeriƫle instructie waarin ze richtlijnen geeft voor lokale besturen. Zij beslissen immers of een bedrijf (zowel industrie als landbouw) een omgevingsvergunning krijgt. Deze instructie is tijdelijk, in afwachting van een definitieve PAS.

Gevolgen voor de boer

De tijdelijke regeling die nu wordt toegepast, heeft verregaande gevolgen voor land- en tuinbouw. Industrie wordt echter op een andere manier behandeld in dit dossier. Zo is er voor nieuwe vergunningen een drempel van 1% voor NOx en 0% voor NH3. In de praktijk wil dat zeggen dat een landbouwbedrijf dat een omgevingsvergunning aanvraagt, bij die aanpassing of uitbreiding geen extra stikstof mag uitstoten, terwijl industrie dat wel mag binnen die 1% drempel. Zelfs landbouwbedrijven die hun vergunningen moeten hernieuwen, zonder uitbreiding maar  omdat hun vergunningstermijn bijna afloopt, zijn niet zeker dat dit mogelijk is. Een opmerkelijke beleidskeuze, aangezien de impact van NOx en NH3 op fauna en flora even groot is. Wanneer de definitieve PAS er zal zijn, is nog onduidelijk. In de tussentijd legt dit nieuwe tijdelijke kader wel grote druk op heel wat land- en tuinbouwbedrijven. Jonge landbouwers die bijvoorbeeld een oude stal die aan vervanging toe is willen updaten, zien hun kansen op een vergunning sterk verkleinen. Hopelijk krijgen ze in de definitieve PAS wel opnieuw de kansen die ze verdienen.