Menu

Terug naar Actualiteit >Sluim- of doperwten? Of allebei?

Geschreven op 12 maart 2019. - Nieuws, Tuinieren
erwten in de tuin

Erwtjes zijn zonnekloppers en toch moet je ze al vroeg in het seizoen zaaien. Er zijn verschillende kleuren en vormen beschikbaar. Met de hoge soorten heb je iets meer werk omdat je een steunconstructie moet voorzien. Doperwtjes pluk je in volle zomer, de sluimererwten heel wat vroeger.  

Kiezen is het moeilijkste

Het meest moeilijke aan de teelt van erwten is kiezen wat je wil. Er bestaan verschillende soorten erwten: lage erwten groeien zonder steunmateriaal en ontwikkelen zich liggend op de grond. De hoge soorten (met ranken van meer dan 1,5 meter) en halfhoge soorten (met ranken van meer dan 70 cm) hebben een steun nodig, waarrond zij hun hechtranken wikkelen.  

Het voordeel van lage rassen is dat je ze kan telen zonder steunmateriaal. De halfhoge soorten van ruim 1 m hoogte zijn gemakkelijk te steunen met takken (ook rijshout genoemd). Langsheen de rij steek je verschillende lange vertakte takken, snoeihout van wilg of vlinderstruik is daarvoor heel geschikt. Dat kan je doen als de erwten 10 cm hoog zijn. De hoge soorten (tot 1,5 meter) zijn kwalitatief de beste erwten met grote peulen en een hoge opbrengst. Ze vergen echter een stevigere constructie (zoals een tipi of ursusdraad tussen palen gespannen) die je best plaatst voor je gaat zaaien. 

 

De teelt in het kort

februari zaaien tot in maart, afdekken bij slecht weer
april planten ondersteunen indien nodig
juni regelmatig oogsten tot september

 

 

 

 

 

 

Dop- en sluimerwten: zelfde aanpak

Er zijn doperwten en sluimerwten, de teeltwijze is gelijkaardig. Maar wat is het verschil?

  • Bij doperwten moeten de erwten als groene zaden uit de peul gehaald worden (= doppen). Je herkent dat moment als de erwten 'spannen in hun peul' maar de peul nog fris groen is. Voor de ene is plukken en peulen een dubbele klus, voor anderen is dat een rustgevend moment. Erwtjes zijn niet allemaal tegelijk rijp. Oogst je een 'onrijpe peul'? Geen nood. Die superkleine erwtjes smaken zoet, een beloning voor de plukkers.
  • Sluimerwten zijn erwten waarvan de sluimen of peulen in hun geheel gegeten worden. Oogst ze op het moment dat de erwtjes zich net beginnen te ontwikkelen, de peultjes zijn dan ongeveer 5 cm lang. Sluimerwten moet je echt zelf telen, want ze zijn in de winkel nauwelijks nog te verkrijgen of zeer duur. Het is een echte seizoensgroente, die je bijna dagelijks moet plukken. Zijn de peultjes te dik geworden, dan kan je ze laten hangen tot de erwten dik zijn en daarna doppen.  
  •  

Voorbereiding 

Daags voor je gaat zaaien, zet je de zaden in een kommetje met lauw water. Geweekte zaden ontkiemen immers sneller. De drijvende zaden mag je meteen weggooien, die kiemen niet meer. 

 

Zaaien buiten 

Als het weer meezit, kan je in februari al beginnen met zaaien omdat erwtenzaden weinig koudegevoelig zijn. Anders kan je vanaf maart ter plaatse zaaien. Best is dat de grondtemperatuur 4°C bedraagt. Als je de oogst wil spreiden, kan je met tussenpozen een kort rijtje zaaien tot eind april. Bedenk echter dat, hoe later je zaait, hoe meer kans om ziekten en plagen uit te lokken! 

Maak met de hak een geultje van 5 cm diep. Leg om de 5 cm een zaadje. Maak de geul dicht en druk lichtjes aan met de hark. Maak de rijen op 40 cm afstand, dat geeft ruimte om te plukken. Hoge soorten zaai je op grotere afstand (90 cm) Bescherm de rijtjes door er losse takken of een net over te leggen, anders is de kans groot dat de vogels of katten de erwten weer uitgraven. Na 10 dagen moet je wat beginnen zien. Zaai je langs een tipi, zaai dan in hoopjes rond elke poot. 

Om vroege erwten te beschermen tegen slecht weer of vogels, kan je ze tijdelijk afdekken met een tent van vliesdoek. 

 

Teelttips  

Erwten groeien best op een kalkrijke grond met veel humus. Extra stikstof toedienen hoeft niet, want erwten kunnen stikstof uit de lucht opnemen en omzetten. Extra compost toedienen net voor het zaaien is niet nodig.  

Regelmatig hakken om onkruid te bestrijden en de grond te verluchten. 

Aanaarden is wenselijk voor halfhoge en hoge erwten. Het geeft steun aan de stengels en helpt het onkruid bestrijden op de plantenrijen. Doe dat als ze ongeveer 20 cm hoog zijn. 

 

Oogst en verwerking 

De vroegste gezaaide soorten kan je in juni al oogsten. Na de vroege oogst is er in de moestuin nog tijd voor een najaarsteelt. Afhankelijk van het zaaitijdstip en het ras kan je doorgaan met oogsten tot augustus/oktober.  

Oogst de erwten jong, onderaan de plant zijn ze het eerst rijp. De gedopte erwten worden anders melig en te dik. Peulerwten moeten groen en plat zijn. Controleer de planten om de 2 dagen. Knijp de peulen uit met een kort steeltje. 

Wil je erwten overhouden als zaad voor het volgende seizoen, dan kan je enkele peulen laten hangen en later oogsten. 

Gedopte erwten worden kort gekookt, sluimen garen snel als je ze lichtjes opstooft. Overheerlijk bij jonge worteltjes.