Veranderingen in de Ouderenzorg | Landelijke Gilden
Menu

Terug naar Actualiteit >Veranderingen in de Ouderenzorg

Geschreven op 13 juli 2018. - Nieuws, Maatschappelijke dossiers
Ouderenzorg

De bevolking vergrijst. De zorgzwaarte stijgt. Hierdoor is er een aangepast beleid van zorg en ondersteuning nodig. Het Woonzorgdecreet, dat nu in opmaak is en waarvan men de inwerkingtreding verwacht voor begin 2019, regelt de erkenning en subsidiëring van de woonzorgvoorzieningen en de verenigingen van mantelzorgers en gebruikers. Zeven sleutels zijn het richtsnoer om borg te staan voor de levenskwaliteit van personen met een zorgbehoefte.

 

1.    Een code voor goed bestuur

De woonzorgvoorzieningen worden voortaan verplicht een code voor goed bestuur op te stellen. De gebruiker zal deze code kunnen inkijken zodat hij weet welke principes een voorziening hanteert die een impact hebben op zijn zorg. Zo weet hij wie de initiatiefnemers zijn, waar zij voor staan, dat zij garanties bieden over hun financiële gezondheid en op welke manier ze een goede, persoonsgerichte zorg kunnen waarborgen.

 

2.    Proactief handelen en aanklampende hulpverlening

De woonzorgvoorzieningen zullen aandacht hebben voor de gezondheid en het welzijn van de zorgbehoevende én zijn mantelzorgers. Zij zetten daarom in op primaire (bv. aanmoedigen van een gezonde levensstijl, bewegingsadvies), secundaire (bv. screenings met als doel valrisico’s op te sporen of vereenzaming) en tertiaire (bv. aanpassen van de woning, of voedingsadvies) preventie.
De woonzorgvoorziening zal zelf, proactief, contact opnemen om ervoor te zorgen dat ook de meest kwetsbaren hun rechten realiseren. Dit gebeurt door de diensten maatschappelijk werk van de ziekenfondsen die gebruik maken van parameters die wijzen op verhoogde kwetsbaarheid of op onbenutte rechten. Ook op basis van signalen uit de omgeving is proactief contact mogelijk. 

 

3.    Nieuw voorzieningenaanbod in de respijtzorg

Verschillende woonzorgvoorzieningen bieden ter ondersteuning van de mantelzorger een tijdelijke overname van de zorg en ondersteuning voor de gebruiker. De mantelzorger krijgt op die manier tijd voor zichzelf en kan nieuwe energie opdoen. Dit kan door bijvoorbeeld oppashulp bij de zorgbehoevende aan huis, dagopvang of -verzorging buitenshuis, door tijdelijk verblijf in een centrum voor kortverblijf of in een gastgezin. 
Het aanbod aan kortverblijf wordt verder uitgebreid met een aantal nieuwe types kortverblijf voor specifieke doelgroepen (jonge personen met dementie, personen met een oncologische aandoening en personen in een palliatieve fase waarbij thuiszorg tijdelijk niet haalbaar is) en voor ernstig zieke kinderen en jongeren.

 

4.    Buurtgericht werken

De woonzorgvoorzieningen staan in voor ‘buurtgerichte zorg’. Dit is de zorg die er op gericht is de sociale cohesie te versterken, om vragen naar zorg en ondersteuning uit de buurt op te vangen. Zo kan de persoon met een zorgvraag bijvoorbeeld de maaltijd nemen in de cafetaria van het woonzorgcentrum en brengt een buurman diens boodschappen mee (het lokaal dienstencentrum heeft hiervoor een boodschappennetwerk opgezet).

 

5.    Kwaliteitsgaranties

Een voorziening zal zich voortaan alleen ‘woonzorgcentrum’ of ‘dienst voor gezinszorg’ mogen noemen als ze daartoe door de Vlaamse overheid ook erkend is. Een erkenning betekent dat de overheid normen en kwaliteitscriteria oplegt, daar toezicht op houdt, en indien nodig sancties oplegt. De gebruiker weet dus waar hij in een erkende voorziening mag op rekenen en aan welke prijs.

 

6.    Ondersteuning van informele zorg

In een warme samenleving die inzet op inclusie en preventie van vereenzaming is de aanwezigheid van vrijwilligerswerk van primordiaal belang. Sommige woonzorgvoorzieningen realiseren expliciet hun opdracht door de inzet van vrijwilligers (diensten voor oppashulp, diensten voor gastopvang), andere stimuleren vrijwilligerswerk of werken samen met vrijwilligers(organisaties). Ook in het lokaal dienstencentrum of het woonzorgcentrum kan elke Vlaming bijvoorbeeld terecht voor zinvol vrijwilligerswerk.

 

7.    Individuele en collectieve participatie

Vele gebruikers worden graag geconsulteerd zodat de voorziening rekening kan houden met hun vragen en wensen. Zo krijgen zij zorg op hun maat, gebaseerd op zorg- en ondersteuningsdoelen, maar krijgen zij ook inspraak in het algemene beleid en de keuzes die de voorziening maakt. Participatie kan ook opgenomen worden via georganiseerde gebruikersverenigingen.