Titel
Superheld van de bodem: de regenworm
Beschrijving
Afbeelding
Ze graven gangen die de bodem beluchten, zetten organisch materiaal om in waardevolle wormencompost en creëren een leefomgeving waarin nuttige bacteriën en schimmels floreren. In België komen zo’n 25 inheemse regenwormsoorten voor, die we kunnen onderverdelen in drie grote groepen.
Strooiselwormen (epigeïsche wormen) leven in de bovenste twee centimeter van de bodem. Daartoe behoort ook de bekende regenworm die je soms over het tuinpad ziet kruipen. Deze wormen ruimen organisch materiaal op en breken het af. Ze verteren plantenresten en scheiden die opnieuw uit via hun uitwerpselen. De vrijgekomen stikstof is gemakkelijk opneembaar door planten. Bovendien vermalen deze wormen het organisch materiaal, waardoor bodembacteriën een groter oppervlak krijgen om op te werken.
Bodemwoelers (endogeïsche wormen) leven tot op een diepte van ongeveer 50 centimeter. Ze graven horizontale gangen en breken eveneens organisch materiaal af. Hun activiteit draagt bij aan een betere bodemstructuur, beluchting en waterbuffering.
Diepgravers (anekische wormen) maken diepe verticale gangen in de bodem. ’s Nachts komen ze naar boven om bladeren naar beneden te trekken, die ze na rijping verorberen. Omdat ze organisch materiaal tot diep in de bodem brengen, kunnen ook daar micro-organismen actief worden. Die geven op hun beurt voedingsstoffen af aan bijvoorbeeld plantenwortels. Zo worden de diepere bodemlagen belucht en kan water gemakkelijker doordringen.
Hoe krijg je meer regenwormen in je tuin?
Wie geen geduld heeft, kan regenwormen aankopen. Let er dan op dat je een mix verkrijgt van alle drie de groepen, en niet enkel strooiselwormen. Deze laatste zijn wel ideaal voor gebruik in een compostbak.
Maar met enkel wormen kom je er niet. Je moet ook voldoende voedsel voorzien: compost, stalmest, wormenmest, bladeren – zolang het maar natuurlijk is. Vermijd kerende grondbewerkingen en chemische producten, en zorg ervoor dat de bodem niet te sterk uitdroogt. Laat de bodem niet onbedekt, maar dek af met planten, compost of ander natuurlijk materiaal. Zo voelen regenwormen zich thuis en helpen ze jouw tuin tot leven brengen.